Concurrentie


Op de achterpagina van de Volkskrant, onder de gevatte rubrieknaam Wibra, resideren Sylvia Witteman en Aaf Brandt Corstius. Om de dag columniseert de een of de ander haar dagelijkse leven.

Beide dames, die lofwaardig weinig aan damesachtigheid lijden, nemen het dagelijks leven heel serieus. Ze ontleden dat leven in minieme stukjes zoals kinetisch zand, een man zeurend om een taxi, Wonky appels met een plekje, kinderen op de ijsbaan, Starbucks koffie, sintinkopen doen bij de Hema, lepels en vorken tellen in een vakantiehuisje. Ze mixen dat stukje leven in een blender van humor en perspectiefwisseling, zoals de columnreceptuur voorschrijft en er ontvouwt zich een nieuwe werkelijkheid.

Het mooie van zulke nieuwe werkelijkheden is dat ze méér op de werkelijkheid lijken dan de werkelijkheid zelf, bijna een aha-erlebnis produceren over die werkelijkheid. Ik mag dat graag meemaken.

Maar sinds enige tijd begin ik méér liefhebberij te krijgen in de recht-toe-recht-aan werkelijkheid die niet uit de columneske blender vloeit.

Dat komt door een andere dagelijks-leven-rubriek die nu al geruime tijd boven de Wibra van Sylvia en Aaf verschijnt: de rubriek Dagboek. Deze rubriek brengt elke dag een notitie van de overeenkomstige datum in een (lang) vervlogen jaar uit een dagboek van een beroemd, een geliefd, een spannend of een interessant persoon. De dagboeken komen uit zo’n vier eeuwen. De schrijvende personen zijn schrijvers, ontdekkingsreizigers, politici, kosmopolieten, dwarsliggers, diplomaten, generaals, psychiaters, journalisten, wetenschappers, opstandelingen en zelfs een 16e eeuwse Delftse barbier die terugkeert van een pelgrimage in het Heilig land.

De observaties elke dag, frapperen. Omdat ze even vertrouwd als ongekend verschijnen. Omdat ze even veel nieuws als geschiedenis bevatten. Omdat ze even gewoon als wonderlijk voorkomen. Je hebt geen humor, geen stijlfiguur, geen pointe nodig om je verbeelding aan het werk te zetten. Je leert elke dag iets nieuws uit de details die in de hoge geschiedenis naar de bodem zakken.

Maar het meest verrassend is natuurlijk de ontdekking van een dagboek-ster. Op 4 december kwam er eentje voorbij: Elisabeth ‘Betsey’ Wynne (1778 – 1857). Nooit en nergens had ik een glimp van haar bestaan opgevangen.

Deze Betsey begint met elf jaar een dagboek en ze zet dat voort tot aan haar dood. Het fragment in de Volkskrant is ronduit curieus. Betsey schrijft, ze is 15 jaar oud, over een rare gewoonte in Nederland met Sint Nicolaas. Merkwaardige verklede mannen, de Klauses, treden op als de schrik van alle kinderen: de slechte geeft de kinderen een pak slaag, de goede geeft ze cadeautjes. Betsey noemt het een domme traditie en zou graag zien dat die aardige Klaus een flink pak slaag kreeg in plaats van dat hij genoegen beleeft aan het geselen van die onschuldige kinderen.

Het personage Betsey is even fascinerend als die tekst.

Elisabeth Wynne wordt geboren in Engelse hogere kringen. Als kind woont en zwerft ze goeddeels in Europa omdat vader financiële problemen in Engeland heeft. Ze trouwt met kapitein Freemantle en begint haar huwelijk op zijn schip, een onderdeel van Nelsons vloot in actieve dienst. Daarna woont ze op het familie landgoed en runt de zaken terwijl haar echtgenoot op zee is. En intussen schrijft ze eenenveertig notitieboeken vol. Eén boekje, een stukje 1796, schijnt in de zee verdwenen te zijn maar een kniesoor die daarover zeurt in het licht van achtenzestig schrijfjaren vol eigenzinnige taal en scherpe blikken. Dat laatste proef ik uit de gevonden smakelijke fragmenten.

Sinds Betsey is de dagelijkse voorrang van òf Wibra òf het Dagboek voor het laatste beslist. Sorry Sylvia en Aaf; de drang om te ontdekken heeft gewonnen van de neiging tot badineren.

Iemand heeft ooit gezegd dat je elke dag minstens drie nieuwe dingen moet leren om in leven te blijven. Misschien is het dat. Of misschien kun je nooit concurreren met het dagelijkse leven dat in zijn blote toeval de stoutste fantasieën overtreft.

Maar ach, wie weet, worden de columns van nu ooit de ‘Betsey’s’ van verre tijden.

Advertenties

2 reacties on “Concurrentie”

  1. thrammy schreef:

    Leuk en heel erg mee eens. Ook ik nijg naar de dagboekfragmenten die mij soms terugvoeren naar bizarre episodes uit de menselijke geschiedenis. Mooi stukje!

    Like

    • Kantelpunt schreef:

      Wat dat betreft, leven wij in een fantastische tijd. Wij kunnen zowat alles lezen wat er ooit geschreven en openbaar gemaakt is. Om ervan te leren en gewoon voor je genoegen. Het is een bevoorrechte manier van bestaan.
      Hartelijke groeten.

      Like


Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s