Oscars vloek

‘The Happy Prince’ draait in ons filmhuis voor het kleinste publiek ooit: drie kijkers. Een voordeel want je weet niet of je de ondergang van Oscar Wilde met droge ogen kunt aanzien. Ik niet tenminste.

Rupert Everett schreef en regisseerde de film en speelde de rol van Oscar Wilde. De verhaallijn loopt tussen het ontslag uit de gevangenis in Reading op 19 mei 1897 en Wildes dood op 30 november 1900 in Parijs, op 46-jarige leeftijd.
De hellevaart van drie jaren is ingeweven in Wildes eigen sprookje ‘The Happy Prince’ in een eenvoudige associatie. De gelukkige prins heeft een leven van geluk en plezier geleid en zag nooit de ellende van de mensen totdat hij, als gouden standbeeld teruggekeerd, hoog boven de stad alle lelijkheid, tegenslag en armoe van de mensen moet aanzien. In deze metamorfose ligt die van Oscar Wilde: de omkering van geluk en onwetendheid naar ongeluk en inzicht. Lees de rest van dit artikel »

Advertenties

De ontdekking van Clarice Lispector

IMG_4016 3Soms lees je iets wat je de adem beneemt, waarbij je letterlijk stokt in nieuwe woorden, in nieuwe zinnen, in nieuwe vertelsoorten. Dan kijk ik weg van het papier en zoek in de verte naar welke structuren, welke semantiek, welke syntaxis me door deze teksten kunnen gidsen. Het is alsof hart en hoofd door onbegrepen stuipen door elkaar worden geschud.
Ik lees Clarice Lispector (1920-1977).
Eind vorige eeuw verschenen Nederlandse vertalingen van haar verhalenbundel en een korte roman. Ik heb haar gemist toen, en zoals ik bemerk, velen met mij.
Nu denk ik, hoe was het mogelijk haar niet te ontdekken: deze schrijfster geboren in de Oekraïne uit joodse ouders die voor gruwelijke progroms wegvluchtten naar Brazilië met baby Clarice en haar twee zusjes? Lees de rest van dit artikel »


Halsema‘s strijd

Wat vind je ervan? vroeg mijn broer met een vilein lachje. Femke burgemeester van Amsterdam. Ik snapte het. Hij doelde op ons gehakketak over Femke Halsema, lang geleden. Ik verfoeide Halsema’s nieuwe plannen met de arbeidsmarkt. Ze zwenkte brutaal naar rechts. Ze heeft te veel naar Pechtold geluisterd, zei ik, zo samen met een sigaretje op het Binnenhof.
Mijn broer verdedigde Femke; hij had nou eenmaal een zwak voor haar. En daar zat de angel van de discussie. Ik deelde zijn zwak voor Halsema.
Groter dan Halsema’s zwenking naar rechts immers was en is haar politieke karakter. Het lijdt geen twijfel: ze heeft haar hart op de juiste plaats; ze denkt op menselijke maat; ze staat voor verbroedering tussen aard en kleur en klasse; ze heeft oog voor het drama van arm en rijk; ze komt op voor ieders vrijheid ook als die ideeën oproept die niet de hare zijn. Lees de rest van dit artikel »


Ruttes autobiografie

Mark Rutte is voor mij een romanpersonage. Sorry dat ik het zeg. Nee, het voelt niet senang. Ik lijk wel op de man die zijn vrouw voor een hoed hield. Immers, als je het beeld van de ene persoon uitlegt met het beeld van een andere zit er ergens een kinkje in je neurologische bedrading.
Deze foutieve perceptie doet zich alleen voor bij de persoon Rutte. Dat is merkwaardig omdat hij om de haverklap in het journaal verschijnt. Ik bedoel, je moet iemand na zestien jaar landsbestuur, waarvan tien als minister-president, toch herkennen als ware het je bloedeigen neef.
Naar het uiterlijk kan ik dat nog. Dat is-ie, zeg ik dan. Breed gezicht met gouden opabril. Donker haar in een klassieke scheiding. Af en toe kuiltjes in de wang. Een wat geknepen mond sinds de jongensachtige lach iets minder soepel uitbarst. Lees de rest van dit artikel »


Happy Bloomsday

IMG_3765Happy Bloomsday English text

 

Als we ’s morgens in het hotel inchecken, vraag ik de receptionist om het James Joyce Centre op de kaart aan te wijzen. Hij antwoordt met een vraag. Ken ik Gabriel en Gretta Conroy? Want we zijn in Gresham, het hotel uit ‘De doden’, een vermaard verhaal uit ‘Dubliners’. Voor we er erg in hebben vertellen we elkaar het verhaal van het kerstfeest bij de dames Morkan. Dat feest eindigt met de oplaaiende hartstocht van Gabriel die wegdooft in de droevige herinnering van zijn vrouw aan de voor haar gestorven jeugdvriend. De eeuwige onvolkomenheid van de liefde. Hier in het Gresham. Lees de rest van dit artikel »


Last exit 2

Ik wilde niet geloven dat Philip Roth gestorven was zoals ik in 2012 niet wilde geloven dat hij niet meer schreef. Maar Philip Roth was een mens. Hij leefde en stierf. Hij schreef en werd te moe om te schrijven.
Toen Philip Roth op 22 mei overleed, was ik in Frankrijk. Het eerste bericht las ik in een Franse krant, zo’n regionaal blad waarin de wereld hoogstens twee pagina’s beslaat.
Het was een klein memoriam, eerbiedig, want literair Frankrijk houdt van Philip Roth.
Hij had een grote affiniteit met De Balzac, zei hij ooit, en dat bindt.
Nu staat hij samen met de reus De Balzac IMG_3704in de Pléiade. Deze reeks van grote Franse en mondiale werken fungeert sinds 1923 als een soort Légion d’honneur van de literatuur. In 2017 verscheen Philip Roth volume 1 met vijf titels in dit plechtige literaire geheugen. Lees de rest van dit artikel »


Credo Tsjaikovskistraat 40

Tsjaikovski40Pieter Waterdrinker woont in Sint-Petersburg, Tsjaikovskistraat 40. De straat is niet vernoemd naar de beroemde componist maar naar een revolutionair. Dat past ook beter bij Waterdrinker. Zijn straat was ooit het brandpunt van de Russische revolutie en voedt de schrijver dagelijks met herinneringen aan de schokkende geschiedenis van godsgegeven dictatuur naar volksgegrepen dictatuur.
In de nieuwe versie van het land onder de satraap, zoals Waterdrinker Ruslands leider aanduidt, schreef de auteur zijn levensgeschiedenis vermengd met schetsen uit de roerige Russische omwentelingen rond en na 1917. Lees de rest van dit artikel »